De slechtste chauffeur van Nederland

rachelle“Vrouwen kunnen niet rijden”. Zodra ik dat hoor word ik pisnijdig. Het is op niets gebaseerd en bovendien behoorlijk misogynistisch. Meerdere onderzoeken hebben tenslotte uitgewezen dat wij vrouwen bij minder ongelukken betrokken zijn, veiligere weggebruikers zijn en – ja – ook kunnen fileparkeren. Het punt is alleen dat ik de uitzondering ben die de regel bevestigt (overigens ben ik meestal de uitzondering bij wat dan ook, maar dat is een verhaal voor een andere keer).

Ja. Mijn autorij-skills zijn op z’n zachtst gezegd niet om over naar huis te schrijven. En als je erover naar huis zou schrijven, dan zou mijn vader die brief inlijsten in de woonkamer zodat hij er iedere keer bij mijn binnenkomst naar kan wijzen.

Laten we bij het begin beginnen. Op mijn 18e begon ik, net zoals menig ander jongvolwassene, met autorijlessen. Wat. Een. Drama. Ik leer op 2 manieren. Door de theorie van te voren grondig te bestuderen en door fouten in de praktijk te maken. Punt is dat bij de fysieke rijlessen je geen ruk aan de theorie hebt en me een fout laten maken is niet echt handig als je op een landweggetje rijdt, er een tractor aankomt, en je even niet meer weet of we in Nederland nu links of rechts rijden. Dus. Zo’n 80 lessen (ja, echt waar) en 4 examens (ook echt waar) verder had ik dan eindelijk dat verdomde roze pasje in mijn handen. Halleluja.

Maar “autorijden leer je pas echt wanneer je zelf de weg op gaat”. En dan leer je ook dat je soms een enorme paal in de parkeergarage niet ziet. Of dat je iets raars met de koppeling en het gaspedaal doet en je tégen je ouders’ aanbouw aanrijdt. Het waren schaafwonden (op de bumper, hè), dat wel, maar toch. Alsof het nog niet erg genoeg was, waren mijn ouders op vakantie, had ik het huis 2 weken lang niet weten af te branden, het semi-toonbaar gehouden en was alles redelijk schadevrij. Tot de allerlaatste dag. Ja, dus de volgende dag bij thuiskomst moest ik het ze wel vertellen. Meteen.

Ik wilde bijna het land uitvluchten.

Maar het allerergst was die keer met kerst. Toen ik ‘s avonds wegreed bij mijn ouders. Ik reed in de ene auto achteruit en reed daarbij tegen onze andere auto aan. Twee vliegen in een klap.

Het land uit was niet ver genoeg. Ik zou moeten emigreren naar de maan. Dat was de enige optie.

Hierbij is het noodzakelijk om iets over mijn vader duidelijk te maken: mijn vader houdt van zijn auto. Misschien wel meer, maar in elk geval net zo veel, als hij van mij en mijn zusje houdt. Zaterdagmiddagen worden besteed aan het poetsen van zijn auto tot die glimt aan alle kanten (hij doet niet aan wasstraten, want die kunnen zijn auto beschadigen) en het liefst zou hij een camera ophangen zodat hij dag en nacht naar zijn meest dierbare bezit kan kijken.

Het punt is, ik rijd niet onveilig. Ik moet gewoon al aan het rijden zijn. Dan is er niks aan de hand. Het zijn de stilstaande objecten waar ik problemen mee heb. Gebrek aan ruimtelijk inzicht, noemen ze dat. Gelukkig maak ik dat op andere vlakken ruimschoots goed. En daarmee bedoel ik dat ik af en toe best leuk uit de hoek kan komen? Zolang er maar geen paal staat waar ik tegenaan kan lopen/rijden.

Maar het kan altijd erger: ik heb tenminste nog nooit íemand aangereden. Al zou ik je wel met klem aanraden niet lang stil te blijven staan als je me aan ziet komen in een auto. Zeg niet dat ik je niet heb gewaarschuwd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Create a website or blog at WordPress.com

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: